
Door Sara Wright
Men zou welhaast denken dat het zorgwekkende probleem van obesitas al geruime tijd de nodige aandacht krijgt en voldoende bekend is bij het brede publiek en de media. Maar bij nader inzien is dat toch niet zo. De manier waarop obesitas in de openbaarheid komt, blijft opmerkelijk eendimensionaal en doet geen recht aan de complexiteit en ernst van dit probleem. Iedereen weet onderhand wel dat ons eetpatroon – vooral het westerse – steeds meer overbodige calorieën met een lage voedingswaarde bevat. We weten ook dat mensen in toenemende mate een zittend leven leiden en dus minder calorieën verbruiken in hun dagelijkse activiteiten. Die combinatie draagt zeker bij aan de toename van zwaarlijvigheid in westerse en verwesterende landen. Er wordt met een beschuldigende vinger naar de fastfoodbedrijven gewezen en velen zien vandaag kansen in bedrijven die vitamines produceren of fitnessruimten beheren. Maar veel verder dan dat reikt de discussie meestal niet. De wetenschappelijke literatuur toont echter een veel genuanceerder en complexer beeld dat veel meer sectoren aanbelangt.
Het is belangrijk dat men zich bewust is van de ernst van dit probleem. In 2007 heeft de wereld een stuitende mijlpaal bereikt. Zwaarlijvige mensen zijn nu niet alleen wereldwijd in de meerderheid ten opzichte van mensen die honger lijden, ze zijn nu ook in de ontwikkelende landen per saldo in de meerderheid. Wereldwijd neemt het aantal mensen dat met overgewicht kampt bovendien gestaag toe, tegenover een gestage afname van het aantal mensen met ondergewicht. Tegelijk voorspellen wetenschappers dat de generatie kinderen die nu geboren worden tot de eerste generatie zullen behoren die een kortere levensverwachting heeft dan zijn ouders sinds hierover cijfers worden bijgehouden. Dat zou nagenoeg volledig op naam komen van de vele aandoeningen die obesitas veroorzaakt, zoals diabetes, hartziekten enz. We hebben duidelijk nog een hele weg te gaan voor we deze problematiek volledig zullen doorgronden.
De wetenschappelijke literatuur bestudeert niet alleen de rol van het dieet en de lichaamsbeweging, maar ook van heel wat andere aspecten van het hedendaagse leven in de obesitasepidemie. Er is een toenemende bewijslast voor de nefaste gevolgen van blootstelling aan veelgebruikte chemische stoffen. Denken we maar aan het recent geschandvlekte bisfenol A – aanwezig in veel kunststoffen die onder meer voor zuigflessen worden gebruikt – evenals andere endocriene disruptoren met hormoonachtige eigenschappen, zoals ftalaten die als weekmakers voor plastics worden gebruikt. Die verbindingen zijn niet alleen aanwezig in veel gebruikte verpakkingsmaterialen en andere plasticproducten, maar ook in veel farma- en gezondheidszorgproducten. Dit onderzoek zal uiteindelijk niet alleen een impact op de voedsel- en drankensector hebben, maar ook van betekenis zijn voor niet-duurzame en duurzame consumentengoederen, gezondheidszorg enz...
Een beter inzicht in de wereldwijde energiebalans doet ook vragen rijzen bij bepaalde beweringen die het grote publiek kritiekloos lijkt te slikken. Een aantal grote ondernemingen baseert zijn bedrijfsargumenten op een dreigende voedselcrisis en waarschuwt ons dat de wereld het moeilijk zal krijgen om de voortdurend groeiende bevolking te voeden. Maar hoewel een volwassene gemiddeld tussen 2.000 en 3.000 calorieën per dag nodig heeft, produceert de VS vandaag meer dan 3.900 calorieën per persoon per dag en dat cijfer stijgt nog, zowel daar als in de rest van de wereld. Uit een schatting van de energiebalans vandaag blijkt dat het feit dat ook maar iemand in de wereld honger heeft louter een probleem van distributie en niet van aanbod is.
Obesitas is veel meer dan een verhaal van fastfood en televisie. De vele draagvlakken van de oorzaken en gevolgen beginnen nog maar pas aan bod te komen in de wetenschappelijke literatuur en worden amper vermeld in andere media. Het aantal bedrijven dat met dit probleem te maken heeft of zal krijgen is veel groter dan uit het huidige debat naar voren komt.