
Door Florian Sommer
Terwijl farmareuzen tegen een geruchtmakende berg van aflopende octrooien aankijken, zijn dit verre van slechte tijden voor marktspelers in de inentingsindustrie. Dit ooit godvergeten segment wordt nu druk opgezocht en uitgezift in een algemene zoektocht naar groei. De varkensgriep zat hier zeker ook wel voor iets tussen.
Ooit waren inentingen vrij onaantrekkelijke producten die hoge voorafgaande investeringen vereisten om achteraf slechts matige winstmarges of zelfs helemaal geen rendement op te leveren. De productie is aan immens veel regelgevingen onderworpen, altijd dreigt er wel een toevloed van rechtszaken in geval van ongewenste neveneffecten en het is al gebeurd dat producenten, als er een ernstige nationale noodtoestand uitbrak, werden verplicht om hun intellectuele rechten op producten uit handen te geven. Gelet op die risico’s in een toch vrij bescheiden industrie die het moet hebben van bulkorders tegen vaste prijzen, is het niet meer dan normaal dat het aantal producenten geconsolideerd is van circa 26 grote spelers in de VS op het einde van de jaren '60 naar ongeveer 5 vandaag.
Maar recente pandemiedreigingen hebben aangetoond dat de gezondheid van één land vandaag in toenemende mate afhangt van de gezondheid van de rest van de wereld. Vooral de varkensgriep heeft regeringen eraan herinnerd dat ze dringend werk moeten maken van een oplossing voor het wereldwijd gebrek aan productiecapaciteit. Dat betekent dat de trend die ten tijde van de vogelgriep werd ingezet om bovenstaande problemen aan te pakken wellicht zal doorzetten en dat de voor bedrijven vaak onoverkomelijke ontwikkelingskloof met overheidsfinanciering zal worden gedicht. Dat is ook de farmareuzen niet ontgaan die de sector gaandeweg insluiten via acquisities en partnerschappen. Stilaan gaat de voorkeur uit naar partnerschapmodellen omdat kleinere onafhankelijke firma's op die manier het voordeel van de innovatie kunnen behouden en tegelijk kunnen profiteren van veel grotere verkoop- en marketingcapaciteiten. De grotere firma’s profiteren van de uitbesteding van het risico verbonden met fase 1 van het onderzoek en kunnen zodoende focussen op hun eigen specialismen zoals de testen in de daaropvolgende fasen en het op de markt brengen van inentingen. De innovatie blijft vruchten afwerpen: de inentingen zijn niet langer alleen gericht op gevaarlijke infectieziekten, maar worden steeds vaker ingezet als therapie voor uitermate complexe ziekten zoals aids en kanker.
De consolideringstrend is al vele jaren aan de gang waardoor er nog maar weinig onafhankelijke bedrijven actief zijn in het inentingssegment. Maar naarmate de metamorfose van de industrie zich voltrekt, zullen de overlevenden wellicht de vruchten kunnen plukken van hun onderzoek en ontwikkeling die grote waarde hebben in de onderhandelingen over verkoopsovereenkomsten.
Door Sara Wright